1938 Huizen aan Verlengde Oosterdiep westzijde De huizen aan het Verlengde Oosterdiep wz van St Josefstraat tot straatje het Spaan staan op de kop van 26b en zijn door Joost gebouwd of hij heeft de grond verkocht aan mannen/gezinnen, die bij hem werkten. Immers op de hoek (1ste huis) woonde in een helft van een dubbele de familie de Groot (huur), dan Oost (huur), dan vrijstaand huis Kuhl (3- de huis, eigen huis op een dubbele ‘heim’). Dan kwam Kasper Groen, in 1940 gekomen, met praam uit Emmercompascuum, het dubbele (huur?) huis was net gebouwd (nog net te zien, tegenover lantaarnpaal, met een rood kapje). Aan de andere kant woonde Jans Karssing, later 1954 overgenomen door melkboer Hinnek Ahlers. Hendrik Kuhl- junior,  jaargang 1927 woont in de Pastoor Vroomstraat, hij kan zich een en ander nog herinneren. Zijn vader, ook Hendrik, koopt in 1937 het dubbele ‘heem’ aan de kop van het perceel. Steenhuis verschaft de hypotheek en aan het eind van elk jaar wordt afgerekend. De familie Kuhl woonde indertijd nog aan de Limietweg. Vader en zoon Hendrik zijn lange tijd werkzaam geweest bij Steenhuis, zie ook de foto van de persmachineploeg. Persmachineploeg van JH Joost Steenhuis op plaats 26, kort na de Tweede Wereldoorlog met staand JH Steenhuis; vervener,Trientje de Vries; beul, Egbert Doldersum, Jan Koops, Willem Koops; machinist, Hendrik Kuhl; spitter, Harm Heller; spitter, (kleine) Harm Arling; machinist. Onderste rij Lambert de Vries, afpakker, Albert Oost (jr), zoon Hendrik Arling; beul en vader Hendrik Kuhl; voorbereider (bron; Hendrik Kuhl, jr) In het weekblad De Gezindsbode, dat in de gemeente Emmen verspreid wordt, staat op 25-1-1984 deze foto afgedrukt. De inzender is S. Groote. Het heeft de volgende beschrijving; een zestig jaar oude foto van een groepje veenarbeiders. Slechts vier namen zijn bekend, te weten: E. Groote, Albert Oost (sr), Hendrik Treksel en Willem Koop. GS. Waarschijnlijk betreft het hier een ploeg arbeiders, die voor Joost Steenhuis werkt. Egbert Groote, Albert Oost, Hendrik Treksel, mogelijk familie van Kasper Treksel en Willem Koop kan Willem Koops zijn, zie ook de vorige foto. 1938  Splitting uitgraven op ‘26’  Mans Egberts was stoommachinist van een turfgraversploeg en kan zich nog herinneren hoe ‘26’ werd verveend. Egberts graaft de splitting voor de wijk 26. Hij moet ongeveer 18 jaar zijn geweest, dus we zitten in 1938. Joost Steenhuis komt zaterdags tegen 11-en op het land om de ploeg te betalen. Hij betaalt in loonzakjes. De zaterdag is maar een halve werkdag. Vanaf 14 jaar mag je werken. Van de bond moet de baas fl 0,99 per 1000 turven betalen, Steenhuis doet er een cent bij en betaalt fl 1,00. Ja, Ja. De ploeg van Egberts bestaat uit de spitters H. Ringewolle, de vader van Mans; Harm Egberts, en Geert Kuhl. Dan is er een beul, 2 afleggers en 4 plankonderschuivers, inclusief Egberts dus 11 personen. Voor Steenhuis werkt jonge Berend Hölscher als opzichter (zie verhaal over ‘Aole’ Berend Hölscher, met jonge Berend wordt de zoon ‘Smoeze Berend’ gemeend). Willem Hölscher en Johan Arling zijn bij opa in loondienst en graven de resten af en brengen het per kipkarre naar de machine. De machinist  en de spitters krijgen vol betaald, afleggers 3/4 en onderschuivers 1/2, de beul ook 1/2. Vol betekent dat je fl 13,50 per week verdient, de rest de verhouding ervan. De week voor Nieuwjaar komt de definitieve afrekening. De ploeg van Egberts heeft altijd meer turven gebracht zodat er altijd een kleine nabetaling volgt, weet Egberts met enige trots te vertellen. 1939 Steenhuis noteert de namen van de medewerkers, die zegels plakken, evenals later zijn zoon Eiso. De oudste notitie is uit 1939, nog voor WO II. Zoals gezegd; voor Joost Steenhuis werkt ook Berend Hölscher, hij is opzichter en bewoont het huis Verlengde Oosterdiep wz. 83. Dit huis is ook bewoond geweest door de zoon van Berend; Harm Hölscher, en Engelbertus Gerdes, getrouwd met een dochter van Smoeze Berend, ervoor Mans Bergsma, later Klamer Smit, Tinus Roufs, Jos Steenhuis en nu moeder Steenhuis. Mans Bergsma meent dat hij uit het huisje moest omdat personeel van veenbaas Joost Steenhuis onderdak moet hebben, mogelijk gaat het hier om Hölscher. Volgens Broer Berens heeft weduwvrouw Bruns-Jasken, de schoonmoeder van Berend Hölscher ook een tijdje in het huisje gewoond. Willem Hölscher woont in Verlengde Oosterdiep wz. 74 noordkant, is getrouwd met Sturre. 1940-1945 WO II Persoonsbewijs van Joost Steenhuis, opgemaakt te Emmen, 23 september 1941. Van beroep is hij vervener. 6/8 Ga naar de volgende pagina