Nederlands Indië en Klanken uit B.C.
Dienstplichtige mannen worden opgeroepen om te dienen in Indië. Tientallen jongens dienen in Nederlands Indië. Vanuit de katholieke
parochie van Barger Compas wordt vanaf 1 maart 1947 om de twee weken een circulaire uitgegeven ‘Klanken uit B.C.’ Ontwikkelingen in het
dorp worden beschreven. De circulaire is voor de Compascumers hier, maar vooral bedoeld om de zonen die ‘overver’ zijn op de hoogte te
houden van hoe het in het ‘thuisfront’ gaat. Meester Kuis is de administrator en redacteur. Op 1 juli 1950 verschijnt de laatste uitgave als 4de
jaargang nr 10. Dan zijn ook de meeste Indiëgangers weer thuis. Jarenlang heeft het dorp geen dorpskrant. Vanaf 1957 wordt het maandblad
Kompas-Klanken uit BC uitgegeven. Het is na ruim vijf jaar een soort van voortzetting van de voormalige ‘Klanken uit B.C.’.
Woningnood
Er is veel woningnood en elke schuur, zolder en achterhuis wordt voor huisvesting gebruikt. De woningbouw aan de Sint Josefstraat en de
Stikker is gereed en in elk huis wonen twee gezinnen. In het kleine deel een echtpaar zonder kinderen, in het grote deel een gezin met
kinderen. Later komt ook de woningbouw aan de Pastoor de Klaverstraat, Meester van den Boschstraat en Pastoor Vroomstraat gereed.
Veel goederen blijven eerst op de bon. Er wordt nog steeds gesmokkeld.
De gemeente Emmen poogt industrie naar zich toe te trekken om de werkloze veenarbeiders van het land naar de fabriek te krijgen. Emmen en
Emmer-Compascuum krijgen hun AKU. In Klazienaveen begint Rademaker uit Rotterdam een ijzergieterij. De Purit was er al. Ook meisjes en
dames gaan in de fabriek werken. Veel Compascumer gezinnen verhuizen naar de grotere plaatsen in de buurt, pas getrouwde stellen
vertrekken.
De wereldpolitiek is beladen. Rusland aan de ene kant en Amerika en West Europa aan de andere kant, staan tegenover elkaar. De Koude
Oorlog dreigt. ‘Wat gaat er met ons gebeuren’ is een gevoel dat heerst.
Emigreren
Veel mensen emigreren naar andere landen. Is er geen werk meer na het werk in het veen? Ontbreekt het ondernemersklimaat in Nederland. Is
er te weinig economisch perspectief. Dreigt de koude oorlog? Zijn er dingen gebeurd tijdens de oorlogsjaren die het verdere leven hier
moeilijk maken. Wil men meer vrijheid van geloof?
In lees in ‘Klanken van B.C.’ dat de families J. Salomons, Bredesloot, en K. Salomons, Zwartenbergerweg 3, in 1949 verhuizen naar Canada.
Dit doen ook de gezinnen van O. Salomons, (Oostelijke Doorsnee) en J. Koopmans, zetboer voor Hubbeling en Smit op Verlengde Oosterdiep
wz 29. De boerderij die de naam ‘Smeulveen’ heeft. De familie Koopmans emigreert met twaalf gezinsleden.
Dan verhuizen in januari 1950 meerdere gezinsleden van Kuipers, Verlengde Oosterdiep wz 23 naar Australië. In 1951 doet het gezin van
bakker Jan Eilering en Anna Maria Bols de grote overstap naar Nieuw Zeeland.
De Kroniek van september 2016 vermeldt de volgende emigraties naar Brazilië, Hollanda: 1951, vanuit Zwartemeer het gezin van Geert
Leffers met elf personen. 1952, vanuit Zwartemeer Jantienus Groenwold met twee personen, Douwe H. Groenwold met drie personen en
Tienus Groenwold met drie personen. Vanuit Klazienaveen Willem Moorlag, Abel Jacobus van Bentum met twee personen, Jan Harm
Groenwold met vijf personen en weduwe Tietje Moorlag met twee personen. 1953, vanuit Zwartemeer het gezin van Frederik J. Wolters met
acht personen.
Zie ook: Nieuwe Drentse Volksalmanak 1961, 137-139.
4/4
Ga terug naar het begin